Aardigheid

 

Onhandig manoeuvrerend stommelt het oudere echtpaar naar de uitgang van de kringloopwinkel. Mevrouw duwt een buggy met met daarin een teckel naar de smalle deur. Meneer volgt, en weet eigenlijk niet waar hij hun wandelstokken en andere teckel die hij aan de lijn heeft moet laten. Ik zie zijn blik naar de deur gaan en schiet te hulp. ‘Zal ik de deur even voor u open houden?’ Dankbaar kijken ze me aan. Nu nog het afstapje en de volgende deur en dan staan we allemaal buiten. Ik loop naar mijn fiets en doe de vrolijk gekleurde kaarsen die ik gevonden heb in mijn fietstas. De teckel trekt aan zijn uitlooplijn en komt mijn kant op. Meneer grapt: ‘Hij wil met u mee!’ Ik zeg: ‘Ik ben een aardige mevrouw! Dieren voelen dat.’ Lachend fiets ik weg.

De woorden blijven in mijn hoofd naklinken. ‘Een aardige mevrouw.’ Sinds enige tijd ben ik blijkbaar ook in mijn eigen beleving een mevrouw geworden. Nu ik mijn grijze haren toon kom ik er voor uit dat ik een zekere leeftijd bezit. Aardig ben ik al wat langer. Opgevoed door ouders die het normaal vinden om iets voor een ander te doen, is het ook bij mij een gewoonte geworden om om me heen te kijken wie ik kan helpen. Het levert altijd meer op dan het kost.
#doeslief; de campagne van Sire om Nederlanders bewust te maken van onaardig gedrag, lijkt in Zutphen niet zo hard nodig te zijn. In de Achterhoek is naoberhulp een prachtig voorbeeld van omzien naar elkaar. Samen zorgen voor begrafenissen en bruiloften. Maar ook in het klein weten wie een handje hulp kan gebruiken. Overal zijn hufters maar hier zijn er minder. Groeten op straat, zomaar even contact maken terwijl je in een winkel staat, een galant gebaar, iets lenen van een buurtgenoot; doorsnee Achterhoeks gedrag. Omzien is meeleven met wie je kent maar ook het zien van wie je net ontmoet op straat. Aardig zijn begint met kijken.

 

Simone van der Lans